Eendenkooien en kooibedrijf in Nederland

Op basis van onderzoek is in ieder geval gebleken dat in internationaal opzicht Nederland een bijzondere positie in neemt, en daarmee een verantwoordelijkheid heeft, t.a.v. het behoud van de eendenkooi en het kooibedrijf.

In het Natuurbeleidsplan staan eendenkooien aangemerkt als prioritair te beschermen elementen. In de Flora en Faunawet zijn de eendenkooien opgenomen als een wettelijk erkende vanginrichting voor in het wild levende eenden.
De eendenkooi en het kooibedrijf wordt gezien als een vorm van jacht en vrijetijdsbesteding met een duidelijke cultuurhistorische traditie en waarde. Waarbij het behoud van kennis en vaardigheden m.b.t. het kooibedrijf van belang wordt geacht. Ook het behoud van de natuurfunktie van deze landschapselementen hangt hier nauw mee samen.

Wat is een eendenkooi
Eendenkooien zijn een oorspronkelijk Nederlandse vinding en al bijna 700 jaar bekend.
Op basis van regionaal onderzoek wordt aangenomen dat er vroeger ca. 1000 eendenkooien hebben bestaan. Sinds 1979 is het aantal door het ministerie van LNV geregistreerde eendenkooien constant gebleven op 118 stuks. Ca.60 % is in eigendom van Natuurbeherende organisatie, derhalve is nog slechts 40 % in particuliere handen.
Eenvoudig voorgesteld is het principe van een eendenkooi dat er sprake is van een plas water met wat bos er omheen, aangelegd op een rustige plek in een waterrijk gebied.
De oppervlakte varieert van ca. 0,5 ha. tot 35 ha, maar komt gemiddeld op 2 ha. Op de vier hoekpunten van de rechthoekige kooiplas (gem. 0,75 ha groot) is een vangpijp aangelegd.
Het vangen van de eenden is een vorm van lokjacht, het is een uniek samenspel van de tamme staleenden, de kooikerhond en de kooiker en wordt gezien als een oud Hollands ambacht. De vangperiode en de te vangen soorten zijn via de Flora en Faunawet geregeld.

Hoe werkt een vangpijp
Het gebruik van de vangpijp, daar komt het op aan bij het lokken en vangen van de eenden. Dat doet de kooiker niet alleen: ook de vliegstal, de tamme voereenden, de kooihond, het voer en het turfje maken allen deel uit van een ingenieus vogel-loksysteem: dat is de kern van het kooibedrijf.

De opbouw van de vangpijp
De schuin geplaatste rietschermen langs de buitenbocht staan daar zo dat de eenden er maar van één kant tussendoor kunnen kijken. Vanaf de plas kijkend zien zijn één dichte wand. De kooiker kan dus ongezien hierachter lopen. Kijkend uit de vangpijp zien zij allemaal openingen en zien zij wel levensgroot de kooiker. Vanwege de kromming in de vangpijp ziet een eend die naar het eind is gevlogen de ingang bij de plas niet meer en is de kooiker wanneer hij bij het pijp-eind bezig is niet meer te zien voor de eenden op de plas.
In de herfst en winter voert de kooiker dagelijks de makke staleenden in de vangpijpen. Gaat de kooiker vangen dan kiest hij die vangpijp waar de wind uit blaast, hij vangt namelijk tegen de wind in. Daarom ook zijn er meerdere vangpijpen rond de kooiplas aanwezig.

  1. Het hondje loopt langs de plas over de sating. De kooiker voert bij de ingang van de vangpijp van achter het kopscherm, de eenden zwemmen dan naar de vangpijp toe. Soms zal de kooiker de tamme eenden naar zich toe fluiten.
  2. De kooiker voert verder de pijp in, het hondje lokt bij ieder kortscherm door steeds tussen de schermen door te lopen dan weer zichtbaar te zijn en dan weer niet, de makke eenden samen met de wilde eenden zwemmen binnen.
  3. De vangpijp zit vol eenden, de kooiker loopt ongezien, achter langs het blindscherm, naar de ingang terug.
  4. De kooiker vertoont zich aan de eenden in de pijp. De eenden op de plas zien hem niet, maar de wilde eenden in de vangpijp vliegen, tegen de wind in, voor hem uit terwijl de staleenden niet schrikken.
  5. De wilde eenden zijn, via het scherpe eind, in het vanghok beland en gevangen. Door de kromming van de pijp is de kooiker bij het vanghok niet te zien voor de eenden op de plas, dat heet het blind zijn van de vangpijp.

Het kooibedrijf
Deze oorspronkelijke vangfunktie t.b.v. de consumptie heeft sterk aan betekenis ingeboet.
De eendenkooien zijn tegenwoordig eveneens van belang voor wetenschappelijk (ring-) onderzoek. Naast het vangen omvat het kooibedrijf het beheer en onderhoud van de eendenkooi, kooiplas, kooibos, vangpijpen, de zorg voor de eenden, kooihond e.d.

Binnen de eendenkooien is een grote diversiteit aanwezig in voorkomen, type en karakteristiek. Ontstaanswijze, aanleg, gebruik, ligging, vangstgebied, vangperiode, kooiopbouw e.d. zijn aspecten aan de hand waarvan eendenkooien, veelal regionaal, getypeerd kunnen worden.

klik om te vergroten klik om te vergroten klik om te vergroten klik om te vergroten klik om te vergroten

Rechtsregels
Het recht van eendenkooi valt uiteen in het kooirecht en het zgn. afpalingsrecht. Het kooirecht is een zakelijk recht om op betreffende plaats met het vangmiddel eenden te mogen vangen. Daartoe dient de eendenkooi (en de kooiker) aan bepaalde wettelijk bepaalde voorwaarden te voldoen.
Het afpalingsrecht is een zakelijke last waarmee de gronden rondom de eendenkooi zijn bezwaard met de verplichting dat een ieder zich dient te onthouden van handelingen waardoor de eenden in de eendenkooi kunnen worden verstoord. Deze veelal cirkelvormige gebieden hebben een oppervlakte van 7 tot 9040 ha. Gemiddeld 293 ha per kooi. Voor heel Nederland vormt dit in totaal een rustgebied van ca. 30.000 ha.

klik om te vergroten Het begrip eendenkooi, zoals gehanteerd in bijgaande lijst, is als volgt gedefinieerd : een eendenkooi die voldoet aan de in artikel 56 van de Flora En Faunawet gegeven voorschriften en (op verzoek van de eigenaar) een volgens deze wet geregistreerde eendenkooi is.
Deze eisen zijn :
  1. Er dient een open wateroppervlakte aanwezig te zijn van tenminste 200 m2, waarin een cirkel van tenminste 7,50 meter beschreven kanworden. Het water dient tenminste 50 centimeter diep te zijn.
  2. Rondom dit water (de kooiplas) dient een rand van bos of struweel te liggen.
  3. In open verbinding met het onder a. bedoelde water, dient tenminste één vangpijp aanwezig te zijn, welke in zodanige toestand verkeert, dat deze onmiddelijk als vangmiddel gebruikt kan worden.

Ligging en verspreiding van eendenkooien
Dientengevolge omvat de genoemde lijst dus alleen nog maar de 118 geregistreerde eendenkooien. Het is in die optiek bezien een voorlopige lijst. Door nader onderzoek kan de lijst verder verbijzonderd en aangevuld worden door o.m. toevoeging van een aantal zgn. kooirelicten. Dit zijn voormalige ligplaatsen van eendenkooien waarvan nog herkenbare restanten in het landschap aanwezig zijn. Naar verwachting is een belangrijk aantal hiervan van historisch geografische betekenis (naast de eventueel ook aanwezige (landschaps-) ecologische betekenis.

klik om te vergroten

Door dhr. J.J.H.G.D. Karelse vindt een inventarisatie plaats naar eendenkooi en kooibedrijf in Nederland en de ons omringende landen. Hieruit is in ieder geval gebleken dat in internationaal opzicht Nederland een bijzondere positie in neemt, en daarmee een verantwoordelijkheid heeft, t.a.v. het behoud van de eendenkooi en het kooibedrijf.

Op dit moment zijn er nog 118 geregistreerde eendenkooien in Nederland. Concentraties vinden we in bepaalde gebieden waar de milieuomstandigheden (rust, water, voedsel) nog goed zijn. O.a. in Friesland, op de Waddeneilanden, in de moerasgebieden van Noordwest Overijssel, in het Gelders en Brabantse rivierengebied en de veenweidegebieden. In Limburg en Drenthe zijn nu geen kooien meer aanwezig maar dit was vroeger wel het geval. Net zoals er meer kooien in de (oostelijke) zandgebieden waren gelegen.

Vanwege hun natuurwetenschappelijke en landschappelijke en cultuurhistorische waarde is al 60 % van de eendenkooien door natuurbeschermingsinstanties aangekocht. Deze eendenkooien worden beheerd en vaak ook als vangkooi en ringkooi gebruikt.

Tabel Verspreiding, eigendom en beheer van eendenkooien in Nederland

Provincie Totaal aantal Particulier eigendom Provinciaal Landschap Vereniging Natuurmonumenten Staatsbosbeheer
Groningen 2 1 1 - -
Friesland 28 14 8 2 4
Overijssel 14 3 - 5 6
Gelderland 24 12 1 - 11
Utrecht 3 - - 1 2
Noord Holland 13 4 4 3 2
Zuid Holland 18 9 6 2 1
Zeeland 4 2 1 - 1
Noord Brabant 12 3 1 1 7
Nederland Totaal 118 48 22 14 34
Percentages 100% 41% 19% 12% 28%